Jesaja 39:3

SVToen kwam de profeet Jesaja tot den koning Hizkia, en zeide tot hem: Wat hebben die mannen gezegd, en van waar zijn zij tot u gekomen? En Hizkia zeide: Zij zijn uit verren lande tot mij gekomen, uit Babel.
WLCוַיָּבֹא֙ יְשַׁעְיָ֣הוּ הַנָּבִ֔יא אֶל־הַמֶּ֖לֶךְ חִזְקִיָּ֑הוּ וַיֹּ֨אמֶר אֵלָ֜יו מָ֥ה אָמְר֣וּ ׀ הָאֲנָשִׁ֣ים הָאֵ֗לֶּה וּמֵאַ֙יִן֙ יָבֹ֣אוּ אֵלֶ֔יךָ וַיֹּ֙אמֶר֙ חִזְקִיָּ֔הוּ מֵאֶ֧רֶץ רְחֹוקָ֛ה בָּ֥אוּ אֵלַ֖י מִבָּבֶֽל׃
Trans.wayyāḇō’ yəša‘əyâû hannāḇî’ ’el-hammeleḵə ḥizəqîyâû wayyō’mer ’ēlāyw mâ ’āmərû hā’ănāšîm hā’ēlleh ûmē’ayin yāḇō’û ’ēleyḵā wayyō’mer ḥizəqîyâû mē’ereṣ rəḥwōqâ bā’û ’ēlay mibāḇel:

Algemeen

Zie ook: Babylon, Hizkia (koning v. Juda), Jesaja (profeet)

Aantekeningen

Toen kwam de profeet Jesaja tot den koning Hizkia, en zeide tot hem: Wat hebben die mannen gezegd, en van waar zijn zij tot u gekomen? En Hizkia zeide: Zij zijn uit verren lande tot mij gekomen, uit Babel.


Vertaalnotities

Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.
    Zie hier over het gebruik van de interlineair.

וַ

-

יָּבֹא֙

Toen kwam

יְשַׁעְיָ֣הוּ

Jesája

הַ

-

נָּבִ֔יא

de profeet

אֶל־

-

הַ

-

מֶּ֖לֶךְ

tot den koning

חִזְקִיָּ֑הוּ

Hizkía

וַ

-

יֹּ֨אמֶר

en zeide

אֵלָ֜יו

-

מָ֥ה

-

אָמְר֣וּ׀

gezegd

הָ

-

אֲנָשִׁ֣ים

tot hem: Wat hebben die mannen

הָ

-

אֵ֗לֶּה

-

וּ

-

מֵ

-

אַ֙יִן֙

en van waar

יָבֹ֣אוּ

zijn zij tot gekomen

אֵלֶ֔יךָ

-

וַ

-

יֹּ֙אמֶר֙

zeide

חִזְקִיָּ֔הוּ

En Hizkía

מֵ

-

אֶ֧רֶץ

lande

רְחוֹקָ֛ה

Zij zijn uit verren

בָּ֥אוּ

tot mij gekomen

אֵלַ֖י

-

מִ

-

בָּבֶֽל

uit Babel


Toen kwam de profeet Jesaja tot den koning Hizkia, en zeide tot hem: Wat hebben die mannen gezegd, en van waar zijn zij tot u gekomen? En Hizkia zeide: Zij zijn uit verren lande tot mij gekomen, uit Babel.


Koop nu

Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!