H7567_ רָשַׁשׁ
afbreken, stukslaan
Taal: Hebreeuws

Statistieken

Komt 2x voor in 2 Bijbelboeken.

Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.

Woordstudie

rāšaš, ww.; TWOT 2224; Vergelijk Syr. רַשׁ "hij kneusde", JAram. רָשׁוֹשָׁא "breker, kneuzer", רְשָׁשִׁין "kluiten aarde", רְשָׁשׁוּתָא "mortel, specie", Arab. rassa "hij groef" (E. Klein, p. 631).


1) afbreken; 1b) polel stukslaan, vergruizelen (Jer. 5:17 †); 1c) pual stukgeslagen worden, uitroeien (Mal. 1:4 †).



Brown-Driver-Briggs Abridged Hebrew Lexicon

[רָשַׁשׁ] vb. Pō‛ēl beat down, shatter Pu. we are beaten down.

Strong Concise Dictionary Of The Words In The Hebrew Bible

H7567 רָשַׁשׁ râshash; a primitive root; to demolish — impoverish.

Literatuur


Mede mogelijk dankzij

KlussenKlussen